Heldere groentebouillon

Heldere groentebouillon

Verse groentebouillon is ideaal om als basis te gebruiken voor bepaalde soepen, maar ook sommige sauzen en gerechten, zoals risotto, wanneer je vegetarisch eet. Ik maak dit altijd per drie liter tegelijk en bewaar het dan ingevroren of geweckt, onderverdeeld in twee keer een liter (als basis voor soepen) en vier keer 250 ml (als basis voor sauzen of gerechten). Voor verse groentesoep hoef je deze bouillon overigens niet op voorhand te maken omdat de bouillon tijdens het maken van de soep al ontstaat. Maar als je deze bouillon op voorraad hebt, dan leent het zich wel weer prima voor een snelle groentesoep. Gesneden soepgroenten toevoegen, even laten trekken en je bent klaar.
Zout gebruik ik nooit als ik bouillon maak om op voorraad te houden. Dat voeg ik pas toe wanneer ik de bouillon ook daadwerkelijk ga gebruiken, afhankelijk van het recept waarvoor ik het nodig heb. Maar feel free om wel al zout te gebruiken als je dat wilt. Het werkt immers ook als een conserveringsmiddel en vooral bij wecken kan dat een voordeel zijn. Wil je meer weten over wecken en bewaren, lees dan deze blog.

Ingrediënten

  • 20 gr boter
  • 250 gr ui, gesnipperd
  • 250 gr wit van een prei, fijngesneden
  • 125 gr knolselderij, in blokjes van ½ cm
  • 50 gr venkel, fijngesneden
  • 100 gr champignons, in plakjes
  • 150 gr tomaat, in stukjes
  • Peterseliesteeltjes
  • 1 laurierblaadje
  • 2 takjes tijm
  • 2 takjes kervel
  • 3 gr peperkorrels, gekneusd
  • 200 ml droge witte wijn
  • Materialen: braadpan, 2 grote pannen, schuimspaan, passerdoek of theedoek, vergiet of grote zeef

Aan de slag!

  1. Verhit de boter in een grote braadpan op matig vuur. Laat de boter niet bruin kleuren. Smoor de groenten zachtjes in de boter ca. 15 minuten. Schep af en toe om. De groenten moeten zachter zijn, maar niet bruin verkleurd.
  2. Blus af met de witte wijn en 200 ml water. De wijn trekt de smaak van de groenten omhoog. Je hoeft niet bang te zijn voor alcohol in de bouillon, want dit zal verdampen.
  3. Neem een grote soeppan en vul deze met 3 liter water en schep met een schuimspaan de groenten erbij. Voeg alle andere ingrediënten ook toe.
  4. Breng het water langzaam tegen de kook aan maar laat niet koken. Laat de bouillon een uur zachtjes trekken. Mocht er wat schuim ontstaan, schep dit er dan tussentijds af met een schuimspaan. De groenten mogen niet zo zacht zijn dat ze uit elkaar vallen want dan krijg je een blinde (troebele) bouillon.
  5. Neem een schone passerdoek of theedoek (goed uitgespoeld omdat je anders wasmiddelsmaak krijgt) en leg deze in een vergiet of zeef. Zet deze op een schone pan en zeef de bouillon. Doe dit heel rustig, want als je te snel gaat dan kan de bouillon alsnog troebel worden.
  6. Laat de bouillon volledig afkoelen als je het wilt invriezen. Voor wecken is dit niet nodig. Afkoelen doe je overigens op een koele plaats, maar niet in de koelkast. In de koelkast gaat het afkoelen namelijk te snel en dan is er een grote kans dat de bouillon verzuurt.

 

Laat een reactie achter

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Verplichte velden zijn gemarkeerd met *

*