Balinese kipsaté lilit met satésaus en gebakken rijst

Balinese kipsaté lilit met satésaus en gebakken rijst

Vandaag weer op de Indonesische toer! Ik heb al eens eerder geschreven dat ik jarenlang een aangetrouwde Indische familie had en daardoor echt Indisch heb leren koken. Zo was ik het ook een tijd lang heel erg zat omdat ik zo vaak Indisch at. Maar de zin in de heerlijke gerechten uit dit land is in de loop der jaren wel weer teruggekomen. Meestal komt het dan ook in vlagen en maak ik kort op elkaar Indonesische gerechten. Zo heb ik vandaag dus kipsaté lilit met satésaus, gebakken rijst en atjar ketimoen (komkommer zoetzuur) op het menu en later deze week ook nog soto ajam. En binnenkort ook pepesan ikan (heel pittige makreel).

Nog even goed om te weten over de satésaus. De gemiddelde Nederlander denkt bij satésaus aan pindasaus. Deze satésaus is dat echter niet. Satésaus is een verzamelnaam voor sausjes die bij saté worden geserveerd en dat is dus niet per se pindasaus. In dit geval is de satésaus gemaakt op basis van ketjap; donker en stroperig.

Kipsaté lilit

Saté lilit, in dit geval kipsaté, is een satévariant afkomstig van Bali. In plaats van stukjes vlees om een stokje, wordt saté lilit gemaakt van gehakt en dat kan zowel van varken, vis, garnalen, kip of rund zijn. Het gehakt wordt gemengd met gemalen kokos, kokosmelk, sjalot, rode peper en citroensap. Bovendien worden de satés niet om gewone satéspiesjes gevormd maar om sereh (citroengras), bamboe of suikerriet. Omdat deze breder en grover zijn, is het gehakt makkelijker om het stokje te kneden en blijft het beter zitten dan wanneer je dunne spiesjes gebruikt. De term lilit betekent in het Bahasa Indonesia letterlijk ‘omwikkelen’. Traditioneel wordt saté lilit gegrild op houtskool (doe dat ook in de winter gerust als je een houtskool barbecue hebt, zoals een Big Green Egg) maar het kan ook prima in een grillpan, op een contactgrill of gasbarbecue. Maar let op! Het gehakt is nattig en blijft dus snel plakken. Wil je dit op een barbecue grillen, gebruik dan een grillplaatje met gaatjes erin. Op een gewoon rooster is de kans groot dat de satés kapot gaan bij het keren.

Ingrediënten

  • Voor de kipsaté lilit:
  • 600 gr kipgehakt
  • 2 sjalotjes
  • 2 rode pepers
  • 100 gr geraspte kokos
  • Kokosmelk
  • 1 tl koenjit (kurkuma)
  • 1 el sambal badjak
  • 1 el citroen- of limoensap
  • 12-16 stengels sereh (citroengras)
  • Zout
  • Voor de satésaus:
  • 100 ml ketjap manis
  • 2 sjalotjes
  • 3 teentjes knoflook
  • 1 rode peper
  • 1 el tamarindepasta (of azijn)
  • 2 tl ketoembar (gemalen korianderzaad)
  • 1 tl djinten (gemalen komijn)
  • Snufje zout
  • 1 el zonnebloem- of arachideolie
  • Voor de gebakken rijst:
  • 400 gr rijst
  • 300 gr fijne soepgroenten
  • 1 ui
  • 2 teentjes knoflook
  • 2 tl djinten
  • 1 tl koenjit
  • 2 tl ketoembar
  • 2 tl gemalen laos
  • 2 tl djahé (gemberpoeder)
  • 2 el zonnebloem- of arachideolie
  • Verder nodig:
  • 2 bosuitjes, in ringetjes
  • Gefruite uitjes (recept)
  • Optioneel: atjar ketimoen (recept) en kroepoek
  • Materialen: kookpan voor de rijst, kom, vijzel of foodprocessor, koekenpan, wok, grillpan of barbecue

Aan de slag!

  1. Kook voor de gebakken rijst bij voorkeur de rijst al een dag eerder. Gebakken rijst wordt lekkerder als de rijst helemaal koud en droog is voor je verder gaat.
  2. Snipper voor de kipsaté de sjalotjes en de pepers heel fijn. Als je van pittig houdt snipper je de pepers gewoon met zaden en zaadlijsten.
  3. Meng in een kom kipgehakt met sjalot, rode peper, kokos, kokosmelk, citroen- of limoensap, sambal, koenjit en wat zout. Verdeel in 8 gelijke porties en kneed de porties gelijkmatig, overal even dik, om de sereh. Leg ze op een bord en zet tot gebruik afgedekt in de koelkast. Afhankelijk van hoe lang de stengels sereh zijn, haal je ca. 12 (lange) tot 16 (korte) satés uit het mengsel.
  4. Ga verder met de satésaus. Snipper de sjalotjes, knoflook en rode peper fijn. Ook hier geldt voor de peper naar wens met of zonder zaden en zaadlijsten. Wrijf de sjalotjes, knoflook, tamarindepasta, ketoembar en djinten met een snufje zout in een vijzel tot een pasta. Kan ook in een foodprocessor maar vijzelen heeft de voorkeur.
  5. Verhit de olie in een koekenpan en fruit de boemboe (met de azijn als je geen tamarindepasta hebt gebruikt) een paar minuten tot het kleurt en geurig is. Doe het vuur uit, roer de ketjap en rode peper erdoor en laat afkoelen.
  6. Snipper voor de gebakken rijst de ui en de knoflook. Verhit de olie in een wok en bak de ui, knoflook en groenten beetgaar. Voeg alle specerijen toe en bak al omscheppend een paar minuten mee tot de specerijen gaan geuren. Schep de rijst erdoor en bak al omscheppend ca. 5 minuten mee. Proef en voeg eventueel wat zout en peper toe. Houd op laag vuur warm.
  7. Terwijl je aan de gebakken rijst begint, gelijk een grillpan goed heet verhitten. Eventueel bestrijken met een klein beetje olie. Grill de satés rondom gaar een bruin.
  8. Verdeel de kipsaté met gebakken rijst over borden en garneer met bosui en gefruite uitjes. Serveer met de satésaus, atjar en kroepoek.

Advertentie
 

Laat een reactie achter

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd.

*