Mantı (Turkse gevulde pasta)

Mantı (Turkse gevulde pasta)

De Turkse variant van tortellini. Tenminste, ik ken het als Turks gerecht. Deze gevulde deegballetjes worden echter in meerdere landen en regio’s gemaakt, zoals Centraal-Azië, Afghanistan, het Midden-Oosten en sommige Oost-Europese landen. De vulling kan van land tot land variëren maar vlees zit er altijd in, meestal lams- of rundergehakt. Ook andere smaakmakers, zoals kruiden en specerijen variëren, evenals de vorm en de grootte. En in het ene land worden ze gekookt in gezouten water, terwijl ze in het andere land weer worden gestoomd.

In Turkije zijn mantı qua grootte redelijk gelijk aan normale tortellini en traditioneel wordt het daar gegeten met een yoghurtsaus waar nog wat pittige gesmolten boter overheen word gedruppeld. Het frisse van de yoghurt en het pittige van de boter combineert echt heerlijk! Net als tortellini is het wel behoorlijk wat werk om te maken. Als je dit dezelfde dag nog wilt eten, moet je echt op tijd beginnen. Je kunt de mantı echter ook eerder maken en dan invriezen voor later gebruik. Zorg dan wel dat je gehakt gebruikt wat nog niet ingevroren is geweest, want iets wat ontdooid is opnieuw invriezen is een no no! En bestrooi ze dan wel ruim met bloem, zodat ze niet aan elkaar gaan plakken en laat ze ontdooien voor je ze gaat koken.

Enneh… het klopt dat er geen puntje op de i staat. In Turkije is dat namelijk een letter met een andere klank dan een gewone i. Hij wordt uitgesproken als een korte u.

Ingrediënten

  • 300 gr lamsgehakt
  • 1 ui, heel fijngesnipperd
  • 2 el peterselie, heel fijngehakt
  • 500 gr bloem
  • 1 ei
  • 500 gr Turkse yoghurt
  • 3 teentjes knoflook, geperst
  • 2 el boter
  • 1 tl pul biber (Turkse gedroogde en grof gemalen rode peper, chilivlokken of -poeder kan ook)
  • 1 el zonnebloemolie
  • Zout en versgemalen peper
  • Materialen: 3 kommen, deegroller of pastamachine, grote kookpan, klein pannetje, grote schaal

Aan de slag!

  1. Meng in een kom de bloem met het ei, een theelepel zout en 300 ml water. Als het deeg te droog is, voeg dan nog wat water toe. Is het te nat, dan gebruik je steeds wat extra bloem tijdens het kneden. Bestuif een schoon werkoppervlak met bloem en kneed hierop het deeg 10 minuten tot het soepel en glad is. Laat minstens 15 minuten op een koele plek rusten.
  2. Meng ondertussen in een andere kom het gehakt met de ui en peterselie goed door en breng het op smaak met zout en peper.
  3. En in een andere kom meng je de yoghurt met de knoflook en een beetje water om het wat dunner te maken.
  4. Verdeel het deeg in twee stukken en rol elk stuk op een met bloem bestoven werkvlak zo dun mogelijk uit, ca. 4 mm, of gebruik een pastamachine. Snijd de deeglappen horizontaal en verticaal in repen zodat je vierkantjes van ca. 5 bij 5 cm krijgt.
  5. Leg op elk vierkantje een theelepel van het gehaktmengsel. Vouw twee randen van een deeglapje naar elkaar toe en druk de hoeken met duim en wijsvinger aan. Er blijft dan nog een openingetje in het midden. Druk nu de twee uiteindes naar elkaar toe zodat je een in kruisvorm gesloten deegballetje krijgt (zie foto onderaan). Doe dit met alle vierkantjes.
  6. Breng een grote pan water met wat zout en de zonnebloemolie aan de kook. Kook de mantı in ongeveer 15 minuten gaar.
  7. Ondertussen smelt je de boter op laag vuur in een klein pannetje. Roer hier de pul biber doorheen en houdt het warm. Zorg er voor dat het niet gaat bruisen.
  8. Schep de mantı met een schuimspaan uit het water en doe ze in een voorverwarmde schaal. Schenk de yoghurt erover en bedruip daarna met de peperboter.

Advertentie
 

Laat een reactie achter

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *

*