Verse pesto

Verse pesto

Ik kan het me nog goed herinneren: de eerste keer dat ik pesto proefde was ik gelijk verkocht! Hoe lang geleden dat precies was, weet ik niet meer. Het was in ieder geval in Italië en internet hadden we destijds nog niet, dus even snel het recept zoeken kon toen nog helemaal niet. Het is echter altijd wel ergens in mijn achterhoofd blijven hangen en vanaf het moment dat ik het recept onder ogen kreeg, ben ik het zelf gaan maken. Dat recept kwam overigens niet eens van het internet, maar uit dé Italiaanse kookbijbel: De Zilveren Lepel! Die overigens op de plank trots staat te prijken naast die andere, nog grotere kookbijbel: De Grote Larousse Gastronomique.

Vergeet alsjeblieft de potjes en bakjes uit de supermarkt, het haalt het in de verste verte niet bij zelfgemaakte pesto. Je zal ook zien dat verse pesto veel helderder groen van kleur is. Je kunt verse pesto ook prima tot 2 maanden in de koelkast bewaren in een gesteriliseerd (weck)potje (niet langer dan een uur voor gebruik steriliseren). Schenk er dan een laagje olijfolie op om de pesto te ‘verzegelen’ en sluit lichtdicht af. Na openen kun je de pesto dan het beste binnen een week opmaken. Verdeel het desnoods in een paar heel kleine potjes.

Pesto maak je trouwens bij voorkeur in een vijzel, wat ik altijd doe. Het is wel wat werk, maar de pesto is dan veel aromatischer dan wanneer je het in een foodprocessor of met een staafmixer maakt en bovendien heb je betere controle over het eindresultaat. Gebruik je wel een apparaat, maal het dan niet te hard want de pesto moet nog wel wat textuur houden en geen babyhapje worden.

Ingrediënten

  • 1 bakje (20 gr) basilicum, alleen de blaadjes
  • 40 gr pijnboompitjes
  • 1 teentje knoflook
  • 25 gr Parmezaanse kaas
  • 25 gr Pecorino
  • 100 ml extra vergine olijfolie
  • Versgemalen zeezout en zwarte peper
  • Benodigdheden: rasp, koekenpan, vijzel of foodprocessor, gesteriliseerd (weck)potje

Aan de slag!

  1. Rasp de kazen en rooster de pijnboompitjes in een droge koekenpan.
  2. Als je met de vijzel werkt, begin dan met het fijnstampen van de knoflook en pijnboompitjes met een snufje zout. Vervolgens ga je de basilicum plukje voor plukje erdoor stampen.
  3. Daarna volgt de kaas. Gebruik niet alles in één keer maar proef tussendoor. Later kun je eventueel nog wat meer toevoegen. Als laatste roer je de olie er beetje bij beetje door tot je de juiste textuur hebt. Mogelijk heb je niet alle olie nodig.
  4. Met de foodprocessor: doe de basilicum, pijnboompitjes en knoflook in de foodprocessor en maal kort op half vermogen.
  5. Voeg de kazen toe en zet de machine weer aan op laag vermogen. Net als met een vijzel, niet alle kaas in één keer.
  6. Voeg terwijl de machine draait door de vulopening de olie in een dun straaltje toe en laat draaien tot een smeuïge massa met nog wat textuur. Ook hier geldt dat je mogelijk niet alle olie nodig hebt, dus doseer rustig en let goed op.
  7. Breng de pesto op smaak met peper en laat een half uurtje staan. Proef en breng eventueel nog wat meer op smaak met kaas en/of knoflook.

Zie ook:

 

Laat een reactie achter

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *

*