Zelfgemaakte boerenpaté

Zelfgemaakte boerenpaté

Ik ben dol op paté en het stond echt al heel lang op mijn wensenlijstje om zelf eens te maken. Boerenpaté om precies te zijn. Ik wilde het echter alleen doen als ik er ook een speciale terrine voor had. Die heb ik besteld maar stond nog steeds thuis in de wacht tot het juiste moment. En eindelijk is het er nu van gekomen! Wil jij het ook eens doen? Trek er wel tijd voor uit!

Je begrijpt dat ik wel hulp via het internet nodig had om zelf paté te maken. Hoe heeft iemand dit überhaupt ooit bedacht? Ik heb een uitgebreide zoektocht gehouden (ook in het Frans) maar geen recept is hetzelfde, al zie je hier en daar overeenkomsten. Dat geeft een leidraad om jouw eigen draai eraan te geven en dit is dan ook wat ik heb gedaan.

Zelf boerenpaté maken

Patésoorten zoals Ardennerpaté of boerenpaté (paté de campagne op z’n Frans) vind ik het lekkerst omdat die wat grover zijn. Terwijl ik niet eens van gekookte of gebakken lever hou, maar paté, smeerworst en leverworst vind ik dan weer wel lekker. Zelf boerenpaté maken is niet extreem moeilijk maar het kost wel tijd en je hebt er aardig wat ingrediënten voor nodig. Alles bij elkaar is het dan ook niet heel goedkoop maar je hebt dan wel iets om je vingers bij op te eten!

Dan nog weetjes over paté. Paté komt uit Frankrijk en werd gemaakt om overgebleven delen vlees op te maken, zoals kopvlees, lever en andere organen. Dus eigenlijk juist een goedkope oplossing om niets te verspillen. Lever is er echter altijd in verwerkt en vrijwel ook altijd spek (erin maar ook eromheen gewikkeld). Oorspronkelijk bak je paté in een open vorm met een deegkorst om het vlees. Bak je het in een terrine met een deksel erop, dan noemen ze het in Frankrijk geen paté maar simpelweg een ’terrine’. Het woord verwijst dus zowel naar de vorm waarin het gebakken wordt als het gerecht zelf. Ik heb mijn boerenpaté dus ook in een terrine gemaakt. Heb je die niet of wil je het niet aanschaffen? Een kleine cakevorm is ook prima.

Paté zoals je het in de supermarkten ziet, mag eigenlijk geen paté heten. Het is doorgaans zo fijngemalen (zoals roompaté) dat het eigenlijk gewoon smeerworst is maar wel voor drie keer de prijs van smeerworst wordt verkocht. Wil je bewijs? Bekijk dan maar eens deze aflevering van de Keuringsdienst van Waarde! Let wel: dit is totaal iets anders dan wat je uit de supermarkt gewend bent want de smaak is veel intenser. Maar goed, als je al op zoek was naar recepten om zelf (boeren)paté te maken, ga ik er vanuit dat je een echte foodie bent en de intense smaak ook weet te waarderen!

Ingrediënten

  • 400 gr mager varkensvlees (bijvoorbeeld hamlapjes)
  • 200 gr kippen- of varkenslever
  • 200 gr spekblokjes of reepjes
  • 200 gr vetspek, katenspek of ontbijtspek in plakjes
  • 1 tl gedroogde tijm
  • 1 tl gemalen foelie
  • 1 el verse peterselie
  • 1 tl jeneverbessen
  • 1 kleine ui
  • 2 teentjes knoflook
  • 100 ml cognac of brandy
  • 1 ei
  • 45 ml room
  • Zout en peper
  • Materialen: foodprocessor, kom, vijzel, vershoudfolie, terrine met deksel of cakevorm van 1 liter, bakblik

Aan de slag!

  1. Maal varkensvlees, lever en spekblokjes of reepjes (dus niet de plakjes vetspek, katenspek of ontbijtspek) grof in de keukenmachine. Doe dit in badges met de pulse stand want het is niet de bedoeling dat het zo fijn als gehakt wordt. Als je geen foodprocessor hebt, kan je het ook met de hand heel fijn snijden. Of als je het vlees bij de slager koopt, vragen of ze het vlees grof willen malen voor paté. Doe het vlees over in een kom.*
  2. Snipper de ui heel fijn en pers de knoflook. Hak peterselie fijn tot je ca. een eetlepel hebt. Kneus de jeneverbessen in een vijzel of doe ze in een plastic zakje en sla er een paar keer op met iets zwaars. Doe ui, knoflook, jeneverbessen, tijm, foelie, peterselie, cognac of brandy en wat peper en zout bij het vlees en meng het geheel goed door. Dek af met vershoudfolie en zet 24 uur in de koelkast.
  3. Na 24 uur: oven voorverwarmen op 170 graden. Vlees uit de koelkast halen, het ei met de room loskloppen en door het vlees mengen.
  4. Bekleed de terrine of cakevorm met vetspek, katenspek of ontbijtspek. Schep het vleesmengsel erin en druk aan. Beleg de bovenkant ook met plakjes spek (zie foto’s hieronder).
  5. Zet de terrine met het deksel erop of het cakeblik (eventueel met aluminiumfolie bedekt) in een bakblik en zet op de bakplaat in de oven. Vul het bakblik ruim met kokend water. Laat de boerenpaté 1,5 tot 2 uur au bain-marie bakken (indien nodig, tussendoor bakblik aanvullen met kokend water). Om te testen of de paté gaar is, de kerntemperatuur meten. Tussen 60 en 65 graden is de paté gaar. Heb je geen thermometer, dan met een satéprikker testen. Deze moet schoon uit de paté komen.
  6. Laat de boerenpaté afkoelen en zet daarna in de koelkast tot gebruik. De smaak komt het beste tot zijn recht als je de paté 24 uur laat rusten.

* Om eerlijk te zijn… Ik begon met mijn foodprocessor maar zelfs na twee keer op pulse stand vond ik het vlees al te fijn, en ben ik dus verder gegaan door met de hand te snijden. Vooral omdat het hier om boerenpaté gaat en het dan dus wat grover moet zijn. Voor een fijne paté is fijnmalen wel prima!

Advertentie
 

Laat een reactie achter

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd.

*